Als je de kamer inspringt, kijkt de oude man je allerminst geschrokken aan. Plotseling wordt hij onzichtbaar. Hij verschijnt weer bij de muur en als je je snel omdraait om hem aan te kijken, lacht hij. Het is niet het zachte lachen van een oude man, maar de dreunende lach van een jonge kerel. Hij verdwijnt weer en verschijnt nu in een andere hoek van de kamer. Hij kijkt je spottend aan en lacht sarrend. Je hebt je razendsnel omgedraaid, net op tijd om hem weer te zien verdwijnen. Dit keer verschijnt hij in de lucht boven je en hij zweeft langzaam naar je toe. Je huivert van de blik in zijn ogen als hij dichterbij komt.

<verder>





<uitleg> | <gevechten> | <colofon>