In het noorden eindigt de gang bij een stevige houten deur. Je luistert aan de deur maar er is niets te horen. Er zit niets anders op dan de deur te openen en de kamer binnen te gaan. Het is een grote vierkante kamer. Je schijnt jezelf met de lantaarn bij en je eerste indruk is dat de kamer volkomen leeg is. Alhoewel: er zijn muurschilderingen op de wanden. Opeens dooft je lantaarn. Je wilt hem weer aansteken, maar het lukt niet. In het pikkedonker hoor je allerlei griezelige geluiden: gehuil, geschrei, kreten, geweeklaag. Het wordt steeds luider tot je je oren dicht moet drukken. Heb je een Blauwe Kandelaar?

Ja.

Nee.





<uitleg> | <gevechten> | <colofon>