Je opent de deur en je komt in een groot vertrek. Een grote stoel achter een enorme tafel geeft je de indruk dat hier iets of iemand van enorme afmetingen huist. In de hoek van het vertrek zie je een mensachtige gestalte met een bewrat gezicht. Hij staat met een zweep gebogen over een kleinere soortgenoot die jankt vanwege de tuchtiging die de Opper-Ork hem toedient.

Wat doe je?

Je valt ze beiden aan.

Je springt op de Opper-Ork af in de hoop dat de kleine Ork jou te hulp snelt.

Je verlaat het vertrek om terug te gaan naar de kruising.





<uitleg> | <gevechten> | <colofon>