I Tjing

I Tjing


Een compositie voor orkest "plus", gebaseerd op het beroemde boek.











Introductie

Onder aan deze pagina staat beschreven hoe dit muziekstuk tot stand is gekomen. Een korte samenvatting daarvan wordt ondersteund door beelden in het onderstaande introductiefilmpje.

De compositie zelf, met de corresponderende hexagrammen telkens in beeld.

(Het geluid bij dit filmpje is mono.)

Al jaren liep ik rond met het idee een muziekstuk te baseren op de I Tjing, het Boek der Veranderingen. Dat boek heeft een heel mooie structuur, opgebouwd uit lijnen. Die lijnen vormen een simpele weergave van dualiteit; zo heb je doorlopende lijnen, of sterke lijnen, en onderbroken of zwakke lijnen. Door drie van die lijnen te combineren ontstaat een trigram, met acht verschillende, mogelijke combinaties. Die trigrammen verbeelden natuurprincipes, zoals water, wind, vuur en donderslag.
En die trigrammen kun je weer met elkaar combineren waardoor er 64 verschillende combinaties ontstaan, de zogenaamde hexagrammen, die in elkaar overvloeien wanneer er één of meerdere lijnen veranderen in hun tegendeel.
Die structuur wilde ik een muzikale vorm geven. Muziek is immers ook opgebouwd uit structuren; een toonladder is daar het bekendste voorbeeld van. Een toonladder heeft zeven tonen - met de achtste als een herhaling van de grondtoon, maar dan een octaaf hoger.
Om de structuur van de I Tjing muzikaal te verbeelden heb ik per trigram een instrumentengroep gekozen die ik het beste vond passen bij het karakter van het trigram. Daarnaast heb ik aan elke instrumentengroep een tooninterval toegewezen, dus de terts aan de vocalen, de kwart aan het orgel, de kwint aan melodisch slagwerk. Nu heeft een toonlader zeven intervallen en de I Tjing acht trigrammen, maar voor de instrumentengroep met de ongestemde percussie had ik natuurlijk geen interval nodig.
Vervolgens heb ik per trigram een stukje muziek geschreven - of eigenlijk per dubbeltrigram: een hexagram dat bestaat uit twee keer hetzelfde trigram - waarbij ik per instrumentengroep een onderscheid aanbracht in de onderstem en de bovenstem; zeven stuks in totaal: met de ongestemde percussie heb ik nog even gewacht. Erg lang mochten die stukken niet zijn, want uiteindelijk zouden het er 64 worden en ik wilde niet uitkomen op een muziekstuk dat een halve dag duurt.
En toen heb ik het boek erbij gepakt en de volgorde van de hexagrammen gevolgd. Dat begon lekker makkelijk, met als eerste twee hexagrammen een dubbeltrigram - die stukken waren al klaar, eerst de strijkers, toen melodisch slagwerk. En vanaf dat punt begon het echte werk: de bovenstem van het ene stuk, in dit geval de vocalen, combineren met de onderstem van een ander stuk. Dat was hier ongestemde percussie, en daar had ik nog geen stuk voor gemaakt, dus toen heb ik een partij bij die bovenstem geschreven.
Daarna werd het een stuk ingewikkelder. Bij het schrijven van de dubbeltrigrammen had ik namelijk, expres, verschillende maatsoorten en ook nog eens verschillende toonsoorten gebruikt - want daar ging het me juist om: hoe zouden die afzonderlijke stukken, op elkaar gestapeld, bij elkaar gaan passen?
Het was voor mij een hele ontdekkingsreis om telkens twee partijen bij elkaar te passen, onderstem en bovenstem, driekwartsmaat, vierkwartsmaat, vijf achtste, zes achtste, noem maar op, in ook nog de juiste toonsoort, die door het hele werk heen dus ook verscheidene malen verandert, en daarbij rekening houdend met de lengte van beide partijen, want ook daarin had ik me bij het schrijven van de dubbeltrigrammen geen restricties opgelegd. Ik vond dat verrassend goed uitpakken. Soms kon ik de partijen gewoon over elkaar heen leggen, met een minimum aan aanpassingen, maar soms heb ik ook heel lang moeten worstelen om ze goed op elkaar aan te laten sluiten.
Uiteindelijk was daar natuurlijk ook nog het hexagram dat bestond uit twee keer het trigram van de donder, de ongestemde percussie. Telkens wanneer ik de donder tegen was gekomen, had ik een percussiepartij geschreven bij het trigram in kwestie. Voor dat dubbeltrigram heb ik vervolgens al die partijen samengevoegd, wat geschoven met de afzonderlijke delen en eruit geknikkerd wat ik niet kon gebruiken. Ook dat pakte verrassend goed uit.
Zo is uiteindelijk één muziekstuk ontstaan, waarvan het eind ook nog eens naadloos aansluit op het begin - net zoals de hexagrammenreeks van de I Tjing ook gewoon weer opnieuw begint bij één wanneer je bij 64 bent aangekomen. En aangezien de afzonderlijke partijen allemaal nog geen hele minuut duren, is de totale duur toch nog redelijk beperkt gebleven tot iets minder dan een uur.

Veel plezier met de I Tjing; ik hoop dat het voor jou net zo'n ontdekkingsreis wordt als het voor mij is geweest.

HTML Website Builder